Achtergrond
De eerste christengemeenschap verwachtte dat Jezus heel
spoedig zou terugkeren in heerlijkheid en dat Hij het Koninkrijk van God, dat
reeds aanwezig was in de gemeenschap, tot zijn uiteindelijke vervulling zou
brengen. Nochtans, de tijd ging voorbij en er was geen aanwijzing dat Jezus
terugkeerde. Sommigen begonnen te twijfelen en kwamen in de verleiding om de
moed op te geven. Deze passage was bedoeld om de gemeenschap aan te moedigen om
vol te houden en om zicht verder te wagen op het pad waarop ze zich, op
uitnodiging van Jezus, gewaagd hadden.